Verhoale van vreuger

Mia Smeets uit Broeksittard

Ik heb nog nooit problemen gehad met de mensen hier

“Toen ik hier kwam wonen stond er één huis aan de overkant. Verder was dit allemaal wei.” Maria Smeets -l’Espoir, we mogen Mia zeggen, kijkt een beetje dromerig naar buiten als ze erover vertelt. Alsof ze het weer even voor zich ziet. Inmiddels is ze 85 jaar. Toen ze met haar man introk in het huis aan de Kerkstraat in Broeksittard was ze twintig. Soms vraagt iemand van ZOwonen of ze niet beter naar een appartement kan verhuizen. “Ga zelf maar in een appartement wonen”, antwoordt ze dan. Nee, Mia gaat hier niet meer zomaar weg.

"zeg nikS SlechtS over me, ik heb De Stok Bij me!"

Vertel eens hoe u hier terecht bent gekomen?

“We zochten een woning in Sittard. Toen was er ook een wachtlijst. Getrouwde stellen kregen voorrang. Dus toen heeft Michel me maar ten huwelijk gevraagd. De huur was 27 Gulden. Elke week kwam er iemand langs om de huur contant in ontvangst
te nemen. We moesten zelf de ziep oetkere, de straatgoot schoonvegen op zien Zittesj. In de loop der jaren is de woning behoorlijk gerenoveerd. Sinds gisteren heb ik een nieuwe voordeur. Ik stook nog steeds met een kachel en dat vind ik prima.

Hoe vindt u het hier?

“Ik heb hier altijd met plezier gewoond. Er is een hoop gebeurd in dit huis. We kregen kinderen. Die groeiden hier ook op. In 2004 verloor ik in een week tijd mijn man en een zoon. Mijn andere zoon woont gelukkig

in de buurt en komt bijna elke dag langs. Hij maakt hoeden en versieringen voor vastelaovend, kijk maar.”

Mia wijst naar één van de vele foto’s in huis.
Overal om ons heen staan foto’s. Er hangen medailles en schilderijtjes aan de muur. Verder heeft Mia
het gezellig gemaakt met beeldjes, bloemstukjes, kleedjes, noem maar op. Het huis is rijkelijk versierd voor de feestdagen, met de kerststal als pronkstuk. Allemaal zelf gemaakt.

Is er veel veranderd in de buurt?

“Het is veel drukker geworden. Alles om me heen is
al jaren geleden bebouwd. Vroeger hadden we hier allemaal een eigen moestuin. Er zijn wat jongeren bijgekomen. Die zeggen geen gedag meer op straat. Maar mij kennen ze hier allemaal. Mensen in de buurt komen me regelmatig halen. Om boodschappen te doen bijvoorbeeld. De overburen nemen me ook vaak mee. Die noemen me tante Mia. Ik ben nog altijd actief in het verenigingsleven en ga elke zondag naar de kerk.”

Het verenigingsleven?

“Ja, ik ben keizerin van schutterij Sint Lambertus. Mijn man heeft in 1970 drie keer de vogel geschoten. Toen werd hij keizer en ik keizerin. Het werd een prachtig feest. Honderden mensen stonden er bij onze kroning. Ik voelde me net Sissi. En zo zag ik er ook uit, want ik was toen nog een stuk slanker.”

We worden opnieuw op een foto gewezen.
“Die jurk heb ik zelf gemaakt. Keizer en keizerin
ben je voor het leven. Wij waren de eerste in de geschiedenis van de vereniging en er is nog geen nieuw keizerspaar. Verder ben ik nog altijd lid van de Sjnaake (de vastelaovendsvereniging van Broeksittard). En ik ben nog prinses geweest van Philips. Heb je dat ook opgeschreven? Want daar ben ik heel trots op.”

U bent nog actief zeg.

“Ik heb 73 jaar gewerkt, eerst achter de bar
in een café aan de Stationsstraat en later als doktersassistente. Dat halen jullie met z’n tweeën niet. (Interviewer en fotografe rekenen even en geven toe dat dat inderdaad niet gaat lukken.) Ik ga elke dag naar buiten en rij nog zelf auto. Het liefst maak ik een wandeling met de rollator naar het kapelletje.

Of ik pak de scootmobiel, maar die heeft geen rem. Tot mijn zeventigste was ik nooit ziek.
De eerste keer bij de dokter vroeg hij: Bent u ook patiënt bij mij?”

We maken een rondje door het huis en zien een dartbord hangen. Dart u ook? “Ja, er komen weleens mensen een pijltje gooien. En ik speel jeu de boules. Ik ben de oudste maar ze willen allemaal nog met me spelen.”

Mia wijst naar de tuin. “Die onderhoud ik ook nog zelf. De tuinkabouters heb ik maar even droog gezet.”
We komen aan in de garage. “Hier zit ik in de zomer altijd. Ik zet een paar stoelen en een tafeltje klaar en dan komen mensen een pilsje drinken.”

“Zo heb ik u ook leren kennen!”, zegt Tauben Ahsain van ZOwonen. “Ja, Tauben komt ook regelmatig langs om te vragen of er iets nodig is. Ik vraag altijd alles netjes. Er zit nog geen nagel in de muur zonder toestemming.”

Ja Tauben, klopt dat? Mia is hem voor: “Zeg niks slechts over me, ik heb een stok bij de hand.”

Het wordt tijd om af te ronden. In de gang komen we langs een beeldje van Jezus. “Dat is mijn grote vriend”, zegt Mia. Lachend stap ik weer de regen in.

Oproep!

Heb je ook een interessant verhaal over vroeger, over hoe de wijk was of over het leven in je woning? Meld je dan aan voor deelname aan deze rubriek door een e-mail te sturen naar:

zobenik@zowonen.com